Slapende schoonheden, het boek van Herbert Hesselmann dat in 1988 in het Nederlands is uitgegeven door de KNAC, verhaalt over de bizarre collectie verweerde klassiekers van de Franse wijnjournalist Michel Dovaz, waarvan een aanzienlijk deel uit unieke Bugatti’s bestaat. Toen het Duitse tijdschrift Stern in 1983 foto’s in handen kreeg, publiceerde het blad een vernietigend artikel over Dovaz omdat hij waardevolle klassiekers in een stoffige boerderij zou laten verpieteren. Achtervolgd door de publiciteit was de Franse wijnkenner gedwongen om zijn collectie te verplaatsen. Eind jaren tachtig werd het gros van de auto’s uiteindelijk alsnog verkocht.
Het ware verhaal
De Duitser Kay Hottendorff en de Nederlandse vader en zoon Ard en Arnoud op de Weegh, die al langer pogingen deden om de collectie te achterhalen, bundelden hun krachten en traceerden de bijzondere klassiekers. Wat er van de auto’s geworden is, is terug te lezen in hun boek Het lot van de slapende schoonheden, een uitgave van De Alk. Ook het ware verhaal achter de totstandkoming van Dovaz’ collectie komt aan bod: hij kocht de auto’s destijds voor weinig, omdat niemand in het naoorlogse Frankrijk op de Bugatti’s en andere exquise auto’s zat te wachten. Een groot deel van de auto’s is terechtgekomen bij liefhebbers die de auto’s vaak ook in oude luister hebben hersteld. Inmiddels, meldt ook het boek, is Dovaz in Bugatti-kringen een gevierd persoon: zonder zijn aankoopdrift zouden al deze auto’s door slopers tot kostbaar oud ijzer zijn verwerkt.
In een gemoedelijke sfeer en onder het toeziend oog van honderd toeschouwers overhandigde de voorzitter van de KNAC, mr. R.S. Croll, het eerste exemplaar van Het lot van de slapende schoonheden aan Dovaz, in het bijzijn van een van de unieke Bugatti’s die ooit in zijn bezit zijn geweest.
TERUG
|
|
|