Auto’s weer duurder door aanpassing BPM-systeem

16 september 2020

Een aanpassing van het BPM-systeem die in het Belastingplan staat, maakt auto’s mogelijk opnieuw duurder. Door het moment van afrekenen van de BPM te veranderen, dreigt er namelijk BTW over BPM te worden geheven. Een nieuwe benzineauto zou daardoor zo’n 1.000 euro duurder worden en een dieselauto zelfs 2.000 euro.

De Bovag zal de Belastingdienst, het ministerie van Financiën en de politiek wijzen op dit ongewenste effect en vragen om te voorkomen dat autokopers belasting op belasting moeten betalen. Autobelastingen behoren in Nederland immers al tot de allerhoogste in Europa.

Op dit moment wordt de hoogte van de BPM (voorlopig) vastgesteld bij kentekenregistratie (1a), en wordt de BPM definitief vastgesteld en afgedragen op het moment van tenaamstellen (1b) van de auto. Omdat de BPM-afdracht aan de Belastingdienst momenteel heel dicht bij aflevering van de auto aan de klant ligt, redeneert de Belastingdienst dat je als autobedrijf de BPM namens de klant afdraagt (doorlopende post), waardoor er geen btw over die BPM betaald hoeft te worden. In de nieuwe situatie is er geen sprake meer van een doorlopende post en zou je dus ook btw over de BPM moeten gaan betalen. Belasting op belasting dus. En dat komt neer op tussen de 1.000 euro en 2.000 bovenop de prijs van een nieuwe auto. Bij campers liggen die bedragen nog veel hoger. Daar zit zo maar 50 duizend euro BPM op, wat zou leiden tot 10 duizend euro btw extra.
Overigens speelt dit probleem niet alleen bij nieuwe voertuigen. Ook gebruikte voertuigen die niet in de zogenaamde margeregeling vallen, of ze nu worden geïmporteerd of op de Nederlandse markt worden verhandeld, zullen te maken krijgen met dit probleem. Aanpassing van het BPM-moment gaat volgens het Belastingplan in per 1 juli 2021 of 1 januari 2022.

Deze artikelen zijn misschien ook interessant voor u