Fraude

15 oktober 2016

Vorig jaar werden er volgens het Verbond van Verzekeraars ruim achtduizend gevallen vastgesteld waarbij er was gesjoemeld met verzekeringen. Ruim 7 procent meer dan in 2014. Er was 79 miljoen euro met de opgespoorde fraude gemoeid. Hiervoor waren duizenden onderzoeken naar dubieuze claims nodig en in bijna 30 procent van de gevallen was het raak. Harde feiten, waarvoor de rekening uiteindelijk bij de ‘nette klanten’ wordt neergelegd, die betalen jaarlijks tientallen euro’s meer.

Maar de verzekeraars zijn het zat, vooral omdat fraudeurs er vaak mee wegkomen. De politie geeft dit soort fraude in hun ogen (te) weinig prioriteit. Vandaar dat het verbond onlangs aankondigde dat de interne behandelingskosten van een fraudedossier (532 euro) op de fraudeur zullen worden verhaald. Diverse media noemden dit een ‘boete’, maar dat klopt natuurlijk niet. Want naast het verhalen van de interne kosten kan er ook nog aangifte van fraude bij de politie worden gedaan. En dan kan het zomaar gebeuren dat de officier van justitie alsnog een schikkingsvoorstel stuurt of erger.

Er kunnen voortaan zelfs meer kosten worden verhaald op een fraudeur, zoals externe onderzoekskosten, de kosten van onterecht verstrekt vervangend vervoer enzovoorts. Bovendien moet natuurlijk ook de onterecht uitgekeerde schadevergoeding worden terugbetaald.

Het bedrag van 532 euro wordt alleen in rekening gebracht voor relatief eenvoudige zaken. De afhandeling hiervan kost de verzekeraar veel tijd en geld. Volgens het civiel recht is de veroorzaker van schade verplicht dit te vergoeden. De ‘Service Organisatie Directe Aansprakelijkheidsstelling’ (SODA) stelt de fraudeur aansprakelijk in opdracht van de benadeelde verzekeraar en int de kosten. Zo wordt de verzekeraar schadeloos gesteld en draait alleen de veroorzaker op voor de schade. Ook winkeliers werken met SODA samen om de kosten van bijvoorbeeld winkeldiefstal te verhalen.

Maar bij dit alles blijft het niet. Verzekeren is een kwestie van vertrouwen. Als dat vertrouwen wordt geschaad zal de verzekeraar de fraudeur niet meer als klant in de boeken willen hebben. Alle polissen bij die verzekeraar worden in dat geval beëindigd, bovendien vindt er registratie plaats in de databank van Stichting Centraal Informatie Systeem (CIS). Deze stichting ondersteunt aangesloten verzekeraars bij het maken van de benodigde afwegingen in acceptatie- en claimtrajecten. Daarnaast kan er ook een registratie worden gemaakt in het ‘Externe Verwijzing Register’, zodat ook de andere verzekeraars zich op de hoogte kunnen stellen. Wel zo handig, want de fraudeur zal toch proberen elders zijn verzekering(en) onder te brengen.

Zo’n externe verwijzing blijft minimaal drie tot wel acht jaar geregistreerd staan, afhankelijk van het beleid van de verzekeraar. Veelal zal een fraudeur moeten aankloppen bij vangnetverzekeraar Rialto. Het verzekeren van een auto kan dan alleen voor de Wettelijke Aansprakelijkheid en tegen een forse premie die vooruit moet worden betaald.

Onderzoek uit 2007 wees uit dat 1 op de 10 personen aangaf wel eens gefraudeerd te hebben met verzekeringen en dat dit in alle lagen van de bevolking voorkomt. Oorzaak? Daarover heb ik weinig kunnen vinden. Wel dat internetverzekeraars meer last van fraude hebben dan verzekeraars die werken met tussenpersonen. Ook verzekeraars hebben, door in het verleden woekerpolissen aan klanten aan te bieden, geen al te best imago opgebouwd. Dat werkt soms een wat ‘lossere’ claimmoraal in de hand. Ook de afgelopen recessie, die bij veel mensen leidde tot financiële nood, zal hieraan hebben bijgedragen.

Een medewerkster van een fraude-opsporingsafdeling van een verzekeraar vertelde me dat hoe slim een fraudeur ook is, hij of zij altijd wel ergens een foutje maakt. Dus: ‘bezint eer ge begint’. De gevolgen kunnen veel groter en duurder zijn dan gedacht.

Kees de Regt
Manager Verzekeringen

Deze artikelen zijn misschien ook interessant voor u